Gamelan moet je voelen

Dit is mijn huidige gamelan set. Van links naar rechts: Gender, Saron, Bonang.

Sinds een tijdje speel ik in een Javaans gamelanensemble genaamd Jiwa Manunggal van de Stichting Gema Rasa. Ik werd meegenomen om een keertje te kijken bij een repetitie, maar alleen maar kijken, dat kan natuurlijk niet in de Javaanse cultuur. Voordat ik het wist zat ik achter een Saron Wilahan 9 (een instrument met 9 toetsen van brons die worden geslagen met een hamer), kreeg ik de notatie voor mijn neus en mocht ik meespelen. Zittend op mijn knieën of in kleermakerszit, kussentje onder mijn kont en natuurlijk schoenen uit.

Voordat ik met dit ensemble speelde heb ik veel gamelanmuziek geluisterd. Op YouTube en bij live performances toen ik deze zomer in Indonesië was. De fascinatie voor deze muziek was al groot, maar het moment dat ik voor het eerst middenin zo’n ensemble mocht zitten en de voor mij bijzondere klanken zich als een deken om mij heen ontvouwden, voelde ik pas echt wat gamelan is. Het is geen muziekstroming die met wiskundige principes ontwikkeld is. Het is geen stijl die verbonden is aan een bepaalde tijd of generatie. Het is geen muziek die je enkel van bladmuziek kan spelen. Het is geen muziek die gemaakt is voor het individu.

Gamelan is een gezamenlijke staat van zijn en de spelers zijn meer dan de som der delen. Deze ensembles bestaan uit een grote hoeveelheid instrumenten die allemaal een eigen functie hebben. Zonder elkaar is het alsof er iets niet klopt, je hebt iedereen nodig. Alle gespeelde partijen klikken in elkaar als puzzelstukjes en pas als alle stukjes zijn gelegd zie je het volledige plaatje. Een ander fundament van gamelan is het gevoel. Als speler kun je beter met gevoel alle noten fout spelen, dan emotieloos de juiste toetsen raken. De perfectie wordt niet gezocht in het foutloos spelen van de partijen, maar in het samenspel en de synergie tussen de spelers, de muziek, de dans, het theater en de toeschouwers.

Je begrijpt dat ik met mijn achtergrond in popmuziek wel even moest wennen aan bepaalde manieren van spelen. Ik ben gewend om mijn partijen systematisch en efficiënt in te studeren, maar in gamelanrepetities leren we door het gewoon vaak met elkaar te herhalen. En het werkt. Langzaam maar zeker leer ik niet alleen de muziekstukken beter spelen, maar leer ik door veel te luisteren ook wat het onderliggende gevoel en de patronen zijn van de muziek. Dat is niet te vangen in muzieknotatie, dat moet je voelen en meemaken. Ik vind dit een mooie manier van het overdragen van cultuur, maar het vergt van mij ook best wat energie om mijn ‘ik wil alles eerst snappen’ mentaliteit uit te schakelen en te starten bij het gevoel. Maar als ik dat gevoel dan de ruimte durf te geven ontstaat er iets wat ik in popmuziek niet vaak mee heb gemaakt. Ik kom in een bepaalde trance terecht en elke beweging die we als gamelangroep maken voelt als de beweging van één organisme. Dat is bijzonder om mee te mogen maken.

Mijn eerste gamelanoptreden met Jiwa Manunggal na één keer repeteren :)!

Gamelan is zoveel meer dan alleen muziek. Als je de kans krijgt kan ik je van harte aanraden om eens naar een gamelanvoorstelling te gaan, of kom eens kijken bij onze repetitie en voor je het weet zit je zelf achter een instrument ;-).

Een lesje Gamelan notatie

Hiernaast zie je een voorbeeld van gamelan notatie. Waar we in Europa gebruik maken van uitgebreide bladmuziek met notenbalken, bolletjes op de notenbalk om de toonhoogte aan te geven, geavanceerde tekens voor ritme, voortekens voor de toonsoort, sleutels, tempo-aanduidingen, herhalingstekens, een notenbalk per instrument en articulatietekens, is gamelan notatie heel eenvoudig en beknopt opgeschreven. Normaal gesproken wordt de muziek door te luisteren en het na te spelen aangeleerd, maar op een bepaald moment was er de behoefte om toch wat gamelanmuziek te noteren, voor bijvoorbeeld buitenlandse spelers en etnomusicologen. Ik zal proberen wat uit te leggen over hoe je deze notatie leest.

Het begint met de titel. Die bestaat uit vier delen:

  1. Lancaran = de muzikale vorm van het stuk. Dit geeft iets aan over het ritme en de intensiteit.

  2. Manyar Sewu = de titel (Duizend Wevervogels)

  3. Slendro = geeft de toonsoort aan. In gamelan zijn er twee toonsoorten: Slendro en Pelog. Voor iedere toonsoort is er een apart instrument. Dat betekent dat er in elk gamelanorkest van alle instrumenten twee zijn, een Slendro en een Pelog.

  4. Manyura = een muzikale modus, waarbij nadruk wordt gelegd op bepaalde tonen uit de toonsoort.

De cijfers corresponderen met de toonhoogtes, de punten zijn de rusten. Deze melodie die hier uitgeschreven staat is de Balungan, oftewel de skeletmelodie. De Balunganinstrumenten spelen gezamenlijk deze partij. De noten met haakjes erboven en de omcirkelde noten worden gespeeld door de instrumenten die het patroon markeren. De gong (de omcirkelde noten) is hierbij heel erg belangrijk, want deze markeert het einde van een reeks. De instrumenten die meer versierend spelen, halen hun partij uit de Balungan noten en weten vaak op basis van het soort muziekstuk hoe zij de partij moeten interpreteren.

Wat voor mij een hele omschakeling was is dat de nadruk van gamelanmuziek ligt op de noot aan het einde van een patroon. In veel muziek die ik speel ligt het zware maatdeel op de eerste tel van de maat en benadrukken we de 2e en de 4e tel. Toen ik net begon met gamelan spelen en luisteren draaide ik dus uit gewoonte steeds de tellen om in mijn hoofd. Gelukkig begin ik nu steeds meer te voelen waar het zwaartepunt in gamelan ligt.

Voor mij werkt de gamelan notatie erg fijn, omdat ik niet ben opgegroeid met deze muziek. Het biedt wat houvast, maar ik probeer het ook zo snel mogelijk te voelen en uit mijn hoofd te kunnen spelen. Dan kun je de muziek pas echt beleven zoals het is bedoeld.

Volgende
Volgende

Verhalen over Kancil